is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in het Koningrijk der Nederlanden, voor den jare ..., 1853 [volgno 6]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Schoolnieutcs.

den, alsmede behoort gelet te worden op al, wat tot ontwikkeling en versterking van het ligchaam, in verband tot den geest, strekken kan. Vooral komt ons zoodanig lager onderwijs wenschelijk voor op die inrigtingen, waar de kinderen der behoeftigen slechts een' bepaalden tijd, en wel de eerste jaren slechts van hun leeren kunnen doorbrengen, zoodat het onderwijs daar meer de middelen verschaffen kan tot het verkrijgen van hoogere kennis, dan wel de mededeeling van de kennis zelve, evenzeer als verstand en hart er meer geoefend, dan eigenlijk gevormd zullen kunnen worden. — „ Dat onderwijs moet dan ook inzonderheid (gelijk het mijn geachte hooggeleerde vriend en voorganger hier voorleden jaar vermeldde) de voorbereiding van den grond, de ontwikkeling van de verstandelijke vermogens, de versterking van zedelijke en goede gewoonten tot doelwit hebben, opdat andere instellingen van volksbeschaving het goede zaad tot verdere ontwikkeling zouden kunnen brengen (1)."

Ik zal intusschen bij de wijze van ontwikkeling dier verstandelijke vermogens (als zoo veel malen voor mij behandeld) niet stilstaan, evenmin als bij de nuttige en wenschelijke pogingen, om het ligchaam in verhouding met den geest te sterken, en geschikt te maken voor die werkzaamheden, welke in het maatschappelijk leven later, door de lagere klasse vooral, gevorderd worden. Liever

(1) Zie Jaarlijksch Terslag der S. A. S. gedaan 23 Maart Tan het

jaar 1852, door Jhr. Mr. J. le Bosch Kemper , bl. 431. » Het eigenlijke leeren, in den strengen zin van het woord," zeide een ander mijner voorgangers van deze plaats, » vange eerst laat aan: wanneer de bodem goed bereid is, zal de vrucht snel en sappig rijpen." ( Mr.

A. Portielje, Verslag der S. A. scholen, geh. 1 April 1845.)