is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in het Koningrijk der Nederlanden, voor den jare ..., 1853 [volgno 9]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Schoolnieuws.

zijnde, geschiedt daarvan mededeeling aan Heeren Burgemeester en "Wethouders.

Art. 7. In iedere school is een hoofdonderwijzer.

Hij geniet een vast jaarlijksch tractement, op de voordragt der Schoolcommissie, vast te stollen door de Stedelijke Regering.

Hij ontvangt eene Instructie van do Schoolcommissie.

Art. 8. Er zijn zoovele ondermeesters en kweekelingen en tot zoodanige belooningen als het bestuur der scholen, in overleg met de hoofdonderwijzers en onder goedkeuring der Plaatselijke Schoolcommissie noodig oordeelt.

De jongens, die tot de hoogste klasse der school belmoren, kunnen door den hoofdonderwijzer beurtelings als helpers bij het onderwijs in de lagere klasse worden gebezigd.

Art. 9. Iedere school is in zoovele klassen en afdeelingen verdeeld, als naar de localiteit en vordering der leerlingen nuttig wordt geacht. Hierbij komen als maatstaf in aanmerking de bedrevenheid in het werktuigelijk en verstandelijk lezen , schrijven en rekenen, te zamen genomen.

Art. 10. Nevens de genoemde drie hoofdvakken van het lager onderwijs zullen ook nog andere worden aangewend , om de jeugd voor het werkelijk leven te vormen , 'opdat zij de voor haren stand noodige kundigheden verkrijge en tevens door de ontwikkeling der verstandelijke en zedelijke vermogens, tot alle maatschappelijke en christelijke deugden worde opgeleid.

Daartoe zullen dienstbaar zijn: do Nederduitsche taal, de vormleer, de vaderlandscho en bijbelsche geschiedenis , natuurkennis, aardrijkskunde, zingen en het maken van schriftelijke opstellen.