is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in het Koningrijk der Nederlanden, voor den jare ..., 1853 [volgno 10]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BoeJtbeoordeeUngen.

werd, dan durven wij dit boekje tot een voorbeeld te dien opzigte stellen. — Alleen het poëtische gedeelte laat nog wel iets te wenschen overig; want, ofschoon er fraaije, vloeijende verzen tusschen het proza geplaatst zijn, treft men daaronder eenige aan, die te prozaïsch en niet vrij van gebreken zijn, gelijk onder anderen bl. 85 terstond in het oog zal vallen.

Na al het aangevoerde, kan derhalve dit boekje met ruimte aangeprezen worden, ook wegens druk en prijs. Schrijver en uitgever mogen er aanmoediging bij vinden; terwijl de schooljeugd er, bij vermaak en genoegen, tevens groot nut uit moge trekken.

Even als het voorgaande, is N°. 2 bestemd tot een leesboekje voor jonge kinderen. In een „woord aan de kleine lezers" zien wij, dat de Heer Bruins zich de laagste afdeeling der tweede klasse voorstelt; want hij vralgt hen daar, of zij bij de laagste klasse reeds „woorden van twee, drie en meer lettors hebben leeren

lezen, woorden van tien en meer letters kennen, —

al zijn zij (die) van twee, drie en meer uitspraken." Uitspraken zullen misschien lettergrepen beteekenon; 't is voor ons nog een nieuw woord, waarvan wij de behoefte niet inzien, omdat het oude volkomen duidelijk is. Van zulke nieuwigheden zijn wij gcene voorstanders, omdat de taal er meer bij verliest, dan wint.

In het Voorberigt leest men: „ Levendig wordt thans de behoefte gevoeld aan degelijke schoollectuur. Door leesboeken over landbouw en veeteelt, natuur- en scheikunde, wordt daarin gedeeltelijk voorzien. Echter kunnen deze niet op alle scholen gebruikt worden. Zij zijn daarenboven veelal niet geschikt voor de middelste klasse.5? Zou het ook wel raadzaam zijn, reeds in een eerste