Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ANGST

kon maken tot een marionet, welke aan zijn wil gehoorzamen moest. Hij gevoelde duidelijk dat al zijn kracht zelfs de minste beweging van dit monster niet zou kunnen beletten. Als een grashalmpje zou hij door hem worden afgemaaid, daar twijfelde hij niet meer aan. En reeds meende hij uit het duister een taaie knokelhand te zien opdoemen, waarin de koude glans blonk van een elegant gebogen stuk staal, hetwelk hem in een grotesken zwaai scheen te zullen neervellen. Er bestond geen onzekerheid meer, dit wapen was een Zeis!

Bijna tegelijkertijd met deze beseffing drong de gevolgtrekking hiervan naar voren, welke hem deed begrijpen, dat hij zich bevond tegenover den dood zelf! Het onverwachts duidelijk worden van den toestand, waarin hij zich bevond, waardoor hij begreep, dat hij stond tusscEen de worgende hand en de moordende zeis van den dood, deden hem de laatste beheersching over zijn spieren en zenuwen verliezen. Zijn ledematen verstijfden in de houding waarin zij zich bevonden, het gezicht werd doorploegd met wilde plooien en zijn onder- en bovenkaak schenen aan elkander gemetseld. De oogleden trokken zich schichtig vaneen, terwijl zijn oogappels onder een loodzware opzwelling dreigden te barsten. Onder deze zinsverbijsterende spanning wachtte hij het moment af, waarop de vijf magere vingers zijn hand omlaag zouden duwen, om zijn keel te grijpen en hem dan laaghartig te smoren, terwijl tegelijkertijd de zeis zijn voeten zou afkappen! De tijd bleef echter bewegenloos en steeds werd hij gemarteld door het wreede vooruitzicht, om op zulk een afschuwelijke wijze doodgemarteld te worden. Eindelijk leek hem het wachten nog verschrikkelijker dan het oogenblik van den moord zélf. Een verlangen hiernaar, eerst bescheiden, maar spoedig uitgroeiend tot een passie, bracht hem in een hartstochtelijke aanbidding voor deze gebeurtenis, welke komen kon, elke minuut en iedere seconde. .. . Maar de nacht bleef om hem hangen als een dichte roetwolk en de stilte sloot zich boven zijn hoofd gelijk een ovaal gewelf van een diepe gang; nog niet het eenzaamste gerucht weerkaatste op het strak getrokken vlies

Sluiten