Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

33

LEVENSBIJZONDERHEDEN

woonde, van honger bijna uitgeteerd, vloeide in menigte naar de hoofdftad, en bad, aan de deuren der tempels en .der huizen, om brood. Dan de honger Was ook in de ftad doorgedrongen, en er waren niet weinige, die voor gereed geld geen brood konden bekomen, en als het etenstijd was , geen maaltijd konden houden. Borromeus zorgde, voor alle dingen, daarvoor, dat de gemeene herbergen der armoede, de hospitalen, lazarethen, enz., niet al te zeer door den honger gedrukt wierden. Daarna liet hij in groote koperen ketels fpijze koken, en op geftelde uren, onder het volk, dat in rijen voor zijn paleis gefchaard ftond, uitdeden. Deze ramp duurde eenige maanden, in welken tijd, dagelijks drie duizend menfchen op zijne kosten gefpijsd werden. Als hij door die uitgaven zelf ten achteren geraakt was, ja zich in vele fchulden geftokea hadde, wendde hij zich tot de rijkfte burgers, en werd bij hen de voorfpraak der armen. Het woord in den mond van zulk een' man, is onwederfiaanbaar. Men befchikte heimelijk groote fommen gelds in zijn paleis, welke hij, tot onderfteuning der armen, konde belleden. Toen de ftad ten naaste bij voorzien was, begaf hij zich naar de dorpen, om de armoede der landlieden te hulp te komen; die niet Hechts door het tegenwoordig gebrek gedrukt, maar ook door het vooruitgezigt in de toekomst gekweld werden. De ftrenge winter had zoo veel fneeuw aarigebragt, dat dezelve meer dan eeji mans lengte hoog lag; het ftond te vreezen, dat het graangewas bedorven zoude zijn, en dat, in het voorjaar, de gefmoltene fneeuw de landen over* ftroomen , en het overfchot der veldvruchten wegfpoeien zoude. Hetgeen men vreesde, kwam echter niet. De langzaam toenemende warmte deed de fneeuw zachtjes fmelten, de rivieren zwollen zonder fchade %s veroorzaken, en de volgende oogst was zoo rijk, dat hij het gebrek des vorigen j'aars vergoedde. De Milaneezers geloofden, dat net gebed des Aartsbisfchops dit had uitgewerkt.

Tn het jaar 1571 dreigde eene gevatte teringzucht een einde aan zijn leven te maken. "Hij had zijne krachten zoo weinig tijds, om zich te herftellen, overgelaten, en daarbij, in de waarneming yan zijn ambt, zoo veel grievend hartzeer ondervonden, dat hij oogfehijnlijk ftfham § hij moest door geneesmiddelen zijne wankelende

EO*

Sluiten