Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

öp HET ONDERSCHEIDEN LOT DÉR MENSCHEN. $0?

gerust zagen zij den dood naderen, en kort na elkander gaven zij, beweend door liefkozende kleinkinderen aan den boezem van hunnen geliefden ferdinand e« zijne dierbare emilia, den jongden fnik. De vurige gebeden, die het ouderlijk hart zoo menigwerf voor den besten zoon, voor de teêrhartigde dochter hadden tert hémel gezonden, -fchenen ook waarlijk verhoord te zijn* Ferdinand en bShlia waren werkzaam, zorgvuldig en weldadig; voörfpoed was nooit aan hunne dagen' gehecht, maar ook geen grievende kommer drukte hert neder. Neen -— god fchonk hun het dagelijksch brood, en dankbare vreugd heerschte in hunne gelukkige woning. Zalige zielerust was het loon van de betrachting der heiligde pligten. Schuldelooze ongelukki* gen vonden bij dit edel gezin ontfermingj Vertroosting, en bijftand. Toegejuichd door al hunne bekenden, on> benijd door trotfchen, gezegend door behoeftigen, bewandelden zij den weg naar het graf. Een talrijfe kroost bloeide onder hunne zorgen op, en fchonk aait hunnen gezegendên ouderdom den vooffmaak van den eeuwigen wellust, die voor gods kinderen bereid is» Zoo onopgemerkt in den fchitterenden kring van wereldgrooten, _ maar geëerbiedigd door hoogere wezens, voltooiden zij hunne taak op deze aarde, en in de nu onzigtbare wereld werden deze als Godgetrouwen, mei den zegekrans der deugd, Verfierd.

Hoe wijd verfchillend waren niet de paden door lodewijk en ferdinand betreden? Als broeders van hetzelfde huis vingen zij hunne loopbaan van hetzelfde? PUnt aan, én als fterfelijke wezens eindigden zij beide in den dood. Maar onderfcheiden waren hunne werKen. Looewjjk zaaide ongeresrtigheid en oogstte geWis de jammervolle vruchten. Voörfpoed beftrooide lijnen weg met rozen Duizenden zullen hem benijd hebben ; maar hij voedde Hangen, die elk genot voor her» vergntigden. Wroeging martelde hem in de armen' des overvloeds , en vertwijfeling voerde hem ten affchrik der geheele uatüur, ten verderve. — Weinig dacht zijne moeder, toen hij nog onfchuldig aan haren boezem uimerde, dat zij de.l verachtelijkden fnoodaafd, den ellendigden zelfmoorder koesterde, en met rno,>rW* melk voedde. ~~ PRRBlSA„D betrac-htte, me"ed ett de hem Voorgefehrevene pligten. Grievende Toot

Sluiten