Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

39*5 BESCHRIJVING VAN DEN BA?.\R

jn eene andere ftraat zitten de Grieken en J\rmeniers, drijven hunnen rijken wisfelhandel en tellen feqüinen en piasters. Verder op vindt men eene reeks van gewelven met de fijnde doffen; goud- en zilverdoffen van Hakp, goud- en zilverlaken van Lion, fchawls uit Pcrfiê en Hindostah, moefelinen van allerlei aard, katoenen mantels uit Tunis, linnen uit Holland; grooten voorraad van zijden waren, van fluweel, van tapijten en behangfels uit Azië, en vele kostbare doffen uit Europa. Andere ftraten hebben groote magazijnen van pelswerken, die, niettegenftaande de warmte van het klimaat, allerwege in het Oosten een artikel van pracht en weelde geworden zijn. Van hier wordt Azië. en Afrika overvloedig met pelswerk voorzien , en de dartelde wellusteling, zoowel als de armfte landman, komen hier hunne behoeften bevredigen. Al de kostbare pelzen van het Noorden zijn hier, als 't ware,

opeen geftape'd. •— Op andere plaatfen y.indt

Ken louter zoetigheden en konfituren, welke bij oe Oosterlingen boven alles geliefd zijn, en op eene zonderling lumftige wijze worden toebereid. Natte cn drooge esfenties en menigerlei extracten, die de Europeaan fchier in het geheel niet kent, vindt men hier zoowel als allerlei gebak, alles bevallig met fmaak en aanlokkelijk in glazen, doozen en kasten te koop aangeboden , of uitgeftald, De kostelijkfte fpecertjen van het Oosten worden in andere ftraten ten toon gefield, zoowel als velerlei eetwaren. Men vindt hier amber, muskaten, opium, betel, fuiker, koffij, rijst, fago, zout, pimpernoot (*), dadels, enz., enz. De wijken, waar men vleesch en visch verkoopt, rieken niet zoo aangenaam, als de zoo even gezegde ftraten, maar bezwangeren integendeel de lucht met vuile en walgelijke dampen ; doch daar en tegen is het kwartier der fchoenmakers des te aangenamer, dewijl deze hier alleen fijn en geyerwd, maar nimmer zulk fmerig Hinkend

(*") De Pimpernoot is de vrucht van eenen boom, en heeft de grootte cener hazenoot, op de eene zijde ro;;d verheven, °.P !:c an'1ere plat. De pit is bleekgroen, bevat een olieachtig lap, en is, fch0on eenigzms bitier, nogtans zeer aangC' naam van fmaak. Men bedient zich van deze pit als amandelen.

Sluiten