Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

KRONIEK VAN HET TOONEEL

303

te doen, die hem tonnen opbrengen. De strooman is wat brutaal geworden, en nu moet Topaze hem vervangen. Zonder erg in de rol, die hij als strooman spelen moet, neemt Topaze het vuile baantje aan. De ontslagen strooman komt hem echter inlichten, en als hij hoort waar men hem voor wil gebruiken, wil Topaze direct ontslag nemen en den Officier van Justitie waarschuwen, maar Suze, met haar charme, en met een opgedischt verhaal dat zij in de macht van Castel-Bénac is en hij haar moet redden, weet hem over te halen te blijven.

In de 3e acte zien wij Monsieur Topaze als directeur van alle ondernemingen op het bureau van Castel-Bénac, dat op zijn naam staat. Hij wordt doodsbang als een chanteur, gezonden door het blad »La Conscience Publique» (!) hem komt bedreigen, maar Castel-Bènac weet den chanteur, met een brutaal optreden en bedreiging met tegen-chantage, den mond te snoeren en de deur uit te krijgen. De kostschoolhouder, die indertijd Topaze ontslagen op straat heeft gezet, komt hem, nu hij rijk is en Directeur van een groote zaak, zijn dochter als vrouw aanbieden.

Nu gaat Topaze een licht op! Met eerlijkheid en integriteit en moraal wordt je in de wereld vertrapt en in een hoek geduwd en kan je honger lijden en kromliggen. Met brutaliteit en gemeene streken en geknoei — kijk maar naar Castel-Bènac! — kom je er, en buigt iedereen voor je, en wordt je rijk, en zelfs gedécoreerd. Aha! gaat het zoo in de wereld! Welnu, dan zal hij 't zóó ook eens probeeren, waarom zou hij het niet even goed kunnen? De zaak van Castel-Bénac staat op zijn, Topaze's, naam. Goed, dan kan hij Castel-Bénac er ook best uitgooien, wie doét hem wat? Hij gooit Castel-Bénac er uit, doet voor eigen rekening al de vuile zaken, waar hij aan bezig was, en neemt op den koop toe Castel-Bénac zijn mooie maitresse af. En aan 't slot van de laatste acte is Topaze zelf, gemetamorfozeerd, piekfijn gekleed, een monocle in 't oog, de schatrijke „brasseur d'affaires", voor wien alles en allen buigen, en die ministers gebruikt voor zijn „louche" zwendel-ondernemingen.

Wij hebben hier alzoo den triomf van het brutale, gemeene, gewetenlooze over de eerlijkheid en het fatsoen, en de moraal van dit successtuk is eigenlijk: wees een gemeene schavuit en een knoeier, dan alléén kóm je er in de wereld!

Het klinkt vrij cru, maar deze moraal, die a-moraal is, ligt vlak voor de hand. Als geheel sérieux stuk gespeeld zou het, vooral in het Nederlandsch, al te hard en gewaagd klinken; in den vaudeville-stijl gespeeld wordt vooral de humor van het geval belicht. Toch, met al den humor van 't geval (is humor niet een lach èn een traan?), maakt Cor Ruys in de le acte van het zielige, armetierige schoolfrikje Topaze een creatie, die

Sluiten