Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE NACHTWAKE

„Da's goed, hè?" Ze vroeg 't luider wat, met een intonatie van blijdschap.

„St.... Nou ja. Lang kan 't toch niet meer duren, zei de dokter. Je kan 't elk oogenblik verwachten. Vanmiddag is oom Jan nog geweest. Maar die smeerde 'm gauw weer. Ze deed geen snoet open tegen 'm."

Marie keek haar aan met schrik-oogen, maar dat zag Lise niet, die, altijd nog fluisterend, vervolgde:

„Nou meid.... hè, wat heb 'k een maagpijn.... daar staat de koffie en op 't spiritusstel melk. As je trek hebt, dan weet je 't. Koffie houdt je wakker."

„Moet ze," vroeg Marie met een lichte beving in haar stem, „nog innemen vannacht?"

„Welnee. Je doet maar niks as luisteren of ze soms wat wil en of ze onrustig is. Dan ga je effe kijken. En als 't er wat bizonders is, kom je me maar waarschuwen."

Marie knikte gretig. Ze dacht maar aan wat de dokter had gezegd: dat het niet lang meer kon duren. En als dat nu dezen nacht es gebeurde, als ze alleen was. Ze werd er nu al koud van, durfde haar zuster niet vragen, of die met dat „bizonders" bedoelde het dood gaan, bang, dat Lise de mogelijkheid van dat gebeuren zou erkennen.

„En als je lezen wilt, daar leit de krant en daar, op de schoorsteenmantel, een boek."

Marie knikte, ging alvast zitten zooals Lize gezegd had, dat ze doen moest, met het gezicht naar de voorkamer. Voor geen geld van de wereld zou ze 'r trouwens met den rug naar toe zitten.

„Ziezoo. Zal 'k dan nou maar gaan? 'k Hoop, dat ik lekker slaap. As die maagpijn maar overging."

„Heb je geen eau de carme?" vroeg Marie ineens met een opvallende belangstelling, die ze zelfs wat luider deed spreken. „Dat helpt altijd. Ik heb ook wel es maagpijn en dan neem ik 't altijd, 't Helpt goed. En anders een beetje brandewijn met nootmuscaat. Een van m'n kennissen...."

,,'k Heb niks in huis," onderbrak Lise, en nu wilde Marie weer doorgaan, om maar het oogenblik te verschuiven, waarop haar zuster haar zou verlaten. Ze had dit middel

Sluiten