Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BRIEF VAN ARISTARCHUS DEN JONGEN.

6i7

BRIEF VAN ARISTARCHUS DEN JONGEN.

rp0£n ik vijftien jaren oud was, werd ik bij eenen 1 Prokureur bedeed in eene kleine l&ndltad, tamelijk verre van de hoofdftad gelegen. Daar mijn meester niet zeer veel te doen had, beltaande zijn voornaamlte werk in het fchrijven van huurceien en het vereffenen van gefchillen tusfchen de landlieden, had ik zeer veel ledigen tijd. Voor hun, die beftemd zijn tot een zittend leven, dienen boeken tot eene beftendige toevlugt tegen de verveling der ledigheid. Door eene natuurlijke geneigdheid tot vitlust gedreven, vond ik het meest genoegen in zulke fchrijvers, die hunne bekwaamheden te werk ftelien tot het ontdekken van misdagen in fchrijvers, van gevestigde vermaardheid. Er is eene heimelijke zegepraal in zijne meerderen tot hetzelfde peil met" onszei ven te doen dalen, en de pogingen der ijdelheid én eigenwaan te doen te niet loopen. Ingenomen met dit gevoelen kunt gij u ligt verbeelden, dat ik geen klein vermaak vond in het lezen van de verneder-; aars van den hedendaagfehen trots, de Periodieke Boekbeoordeelaars. Door deze inrigting mijner letteroefeningen maakte ik, binnen korten tijd, aanmerkelijke vorderingen in de oordeelkunde. Over gevoel, harmo. nie, verflficatie, oorfpronkelijkheid van gedachten, onderfcheiding van karakters, en honderd andere zaken, van welke ik geen klaar denkbeeld had, konde ik met de grootfte vlugheid fpreken; en in eene kleine club, beftasnde uit den Prediker, den Tollenaar, een Klerk en mijzelven muntte ik uit in het aanwijzen van ieder nieuw tooneelftuk, en de drogredenering van elk uitkomend blaauwboskje. Mijne aanmerkingen werden altijd met groote toejuiching ontvangen, en ik werd het orakel van fmaak in onzen kleinen kring.

Het gelukkig flagen mijner oordeelkundige proeven bemoedigde mij om een ander beroep bij de hand te nemen. Ik hield het voor toegedaan, dat een man van mijn erkend theoretisch vernuft geene zwarigheid liep van in de praktijk insgelijks wel te flagen. Ik" zette mij derhalve aan het fchrijven; maar gelijk elk groot ontwerp allengskens tot de volmaaktheid komt, na u ik Qq 5 nlc:

Sluiten