Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MIA

„Houd op, Constance, het is genoeg!" Mia heft smeeteend haar hand op.

„Wat ben je toch eigenaardig!"

„Ik ga Maandag naar huis," zegt Mia om van onderwerp te veranderen.

„O, blijf je lang weg?"

„Dat weet ik nog niet."

„Zal Leo zich eenzaam voelen, stakker!"

„Leo, ben je mal, dat raakt mij niet, hoor."

„Zou je ook niet zeggen, zooals jij met hem geflirt hebt laatst."

Mia lacht minachtend.

„En dat zeg jij, bespottelijk!"

Als Constance eindelijk weg is, zit Mia als geslagen voor zich uit te staren. O, o, al die vieze rommel hier in Den Haag! Zij heeft zin om er voor goed uit te loopen, nooit meer terug te komen. Nu is er weer iets bij gekomen. Iets, waar zij eigenlijk nooit over gedacht heeft. Vrouwen, die verliefd op elkaar zijn. O, jakkes. Hoe zou dat nu eigenlijk zijn?

Zij kleeden zich voor elkaar uit en zien elkaar naakt, nou en wat dan nog? Zij peinst verder met angstige oogen, Nee,.... o, God, in wat voor een richting gaan haar gedachten toch? In wat voor een wereld leeft zij toch? Hoe kan zij zich ooit in dit alles terecht vinden? Nu zij weet, al die abnormaliteiten? Haar oogen vergrooten zich in angst. Als zij zelf eens zoo is aangelegd? Het heeft zoolang geduurd, eer zij verliefd was. O, neen, onzin, auto-suggestie! Per slot van rekening kan je je alles gaan verbeelden. Zij is overspannen. Zij is veel te verliefd geweest op Bartholdi en zij heeft veel te veel gehouden van Herman. Zij zucht. Veel te veel, dat is het! Zij gaat naar huis, naar huis! Zij heeft een vaag gevoel, alsof zich daar alle moeilijkheden van zelf zullen oplossen.

Moeder vindt, dat zij mager is geworden en er slecht uitziet, niettegenstaande de rouge.

„Daar kijk ik wel doorheen," zegt zij met zachte oogen.

Sluiten