Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JACOB WINKLER PRINS

vurig, en wat ik nü zou afwenden, als ik kon, niemand meer te vreezen, niemand meer in staat, hoogere dingen te scheppen dan ik. En — dan keer ik hoe langer hoe meer in tot mijzelf; herleef weer den jongen roemtijd: tot de spade voor mij wegsteekt de zode en de moeder-aarde omsluit wat het hare is.... (Het orgel speelt.)

Stem van Raphael uit het diep van de K a p e 1: O, Beatrice....!«

Zoo ging de dichter Jacob Winkler Prins in dagen van eenzaamheid, in een machtigen scheppingsdrang in zijn kunstwerk op, vervuld van wat hem magnetisch trok, leven en streven van hen, die hij kende als de groote profeten van de Renaissance....

Nóg schreef hij uitvoerige opstellen over de Moor en van Daalhoff, die getuigen van diep inzicht, van fijn aanvoelen; van verwonderlijk-rijk uitbeelden. Plotseling, in een wilsimpuls verliet hij zijn woning op de hei en vertrok naar Amerika waar hij wilde schrijven over Kunst....

Hij keerde in datzelfde jaar wel, maar zag zijn vaderland niet meer terug. Daar ver op den Oceaan aanschouwde hij voor het laatst het zwalpende water, de maan, de sterren, de zon; al wonderen, die hij zoo liefhad.

Hij stierf 25 November 1904, halfweg vijftig, niet verouderd; maar krachtig, en, diep-in, geheel zichzelf. Men kan veilig aannemen, niet als een innerlijk verkommerde is hij gestorven, maar als een rijk-levende, zeldzaam-begaafde, die dacht nog jaren van arbeid en Kunst-geven vóór zich te hebben. Aan boord van het stoomschip „Saint Andrew" was géén geneesheer aanwezig.

Zijn lijk werd in de golven neergelaten en was de diep-zee spoedig nabij, van wier wonderen de dichter zoo dikwijls had gezongen in beeldend lied na lied....

Wie als hij in het aardsche leven een lichtend spoor nalaat, heeft niet tevergeefs geleefd. Doorvloten van den Schoonen Schijn heeft hij den glans van den hemel geweten en 't is daarom dat hij niet meer kan sterven....

Sluiten