Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ANTON PIECK

Toen hij elf jaar was, kwam hij te wonen in Den Haag, waar hij de lagere school bezocht. Daarna studeerde hij korten tijd aan de Academie voor Beeldende Kunsten en volgde een teekencursus bij Vaandrager. Verrassend waren de vorderingen der beide broers: met hun 14de jaar haalden zij de akte teekenen L.O.; toen zij zeventien waren die voor M. O.!

Anton begon toen les te geven. Daardoor kwam hij in kennis met een etser. Dat was voor hem een aanleiding, het ets-procédé te beproeven. Zijn eerste prentje is van 1911, Twee schuurtjes (E. 1). Er volgen dat jaar nog drie. In de jaren 1912/'14 komen er twaalf bij. De onderwerpen zijn o.m. een boerderij, een brug en een werf; ook is er een stilleven bij en een gezicht in Amsterdam. In 1915 maakt hij er acht, waarbij een stilleventje van een schedel met oude boeken (E. 18). Dan komt Anton in geheel andere omstandigheden: hij moet dienen in de oorlogsjaren, drie en een half jaar lang! Zijn etsarbeid gaat intusschen door. in 1916 maakt hij veertien prentjes, vooral van Amersfoort, waar hij gedetacheerd is. Zittend op een stroozak, bewerkt hij zijn koperplaat. De kameraden, die hem gaarne bezig zien, profiteeren er van. Als herinnering aan dien kazernetijd bewaart menigeen nog een Pieckje. De etser leert er kennen H. Bos, die zich interesseert voor zijn graphisch werk en als kunsthandelaar sinds dien tijd de prentkunst van Anton Pieck bekendheid gaf. In 1917 ontstaan zes en twintig etsen; daarbij is de bekende Cuneratoren te Rhenen (E. 63) *), die aan Nieuwenkamp's verbeelding van dat prachtig Gothisch bouwwerk herinnert. In de Groote wilg (E. 64) grijpt Anton naar de uitbeelding van een natuurgezicht in groot formaat. Hij gaat daarin door in zijn Duinen (E. 82, 1918) en o.a. in de Opschrijving te Bethlehem (E. 96, 1919) en Binnenplaats van het slot

i) De nummering der etsen is, evenals die der andere prenten (houtsneden, illustraties, ex-libris, litho's, teekeningen en schilderijen), ontleend aan den Catalogus van Pieck's oeuvre, die samen met deze studie in geïllustreerden boekvorm zal verschijnen in December 1929 De nummers van de vroegere naamlijst zijn vervallen.

Sluiten