Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ROMAN VAN EEN SCHILDER

serie ballade! Men moest al een kunstenaar zijn, om zulk een dwaasheid ernstig op te nemen. De herfstrozen, de glimworm, de schimmen der afgestorvenen! Het leek hem alles zoo nuchter, nu hij de feiten in het grauwe morgenlicht beschouwde. Alleen aan zijn persoonlijke stemming ontleenden de bijzonderheden een zoo mysterieuzen glans. Indien men de dingen verstandelijk overwoog, dan was er niets, dat niet logisch verklaard kon worden.

En eensklaps herinnerde hij zich, hoe kort tevoren de planter met een herfstroos langs zijn venster liep. En hij dacht aan het gesprek, dat hij toen afluisterde en waarin zijn vrouw beweerde, dat zij de bloemen kweekte met een bijzonder doel. Deze zinnen waren blijkbaar in zijn onderbewustzijn blijven hangen. Allicht vermoedde hij, voor wie de gave was bestemd. Daarom sloop hij gisteravond door den tuin en toen het perk geplunderd bleek, besloot hij snel de waarheid te onderzoeken. Maar omdat hij voor zichzelf zijn motieven verheimelijken wilde, volgde hij een glimworm, die hem bij verrassing naar de begraafplaats leidde. En indien het insect niet toevallig was opgevlogen, dan zou hij ongetwijfeld een ander voorwendsel gevonden hebben om zijn plan te verwezenlijken. Het was alles heel eenvoudig en gewoon.

Slechts een enkele vraag bleef hem martelen. Wat kon 't hem eigenlijk schelen, aan wie de rozen geschonken werden? Hij was immers stellig overtuigd, dat zijn vrouw de minnares van Leo was geweest. Wat verlangde hij nog naar tastbare bewijzen om zijn theorie te staven? Opeens ontvlamde er een fel licht in zijn brein. En hij begreep, dat hij Erica liefhad. Hij begreep, dat zijn liefde nog immer hoopte en twijfelde en aan het overspel niet gelooven wilde....

VII

DE BEKEERING

Van Baerle lag op zijn bed, terwijl de morgen met bleeke waden zijn atelier binnentrok. En hij werd aangegrepen door een groote verwondering.

Sluiten