Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE SCHIJNWERPER

META. Mijn meening staat daar diametraal tegenover.

ANTON. Marcel is een onverzadelijk egoïst.

META. Dat is een leugen. ..

ANTON Maar Meta, wees toch niet zoo blind! Begrijp je het dan niet? Help dat meisje toch. Jij bent toch haar Moeder. (Meta even getroffen). Ellen is een lief kind, maar ze moet geholpen worden. Ze luistert sterk naar ,ou! Ms jij haar in de goede richting stuurt — —

META (zachter). Ik geloof, dat Marcel haar kan....

2e Tooneel. ANTON, META, ELLEN (die stil is binnen gekomen).

ELLEN Wat kan Marcel?

META. Jou gelukkig maken. Zeg het dan zelf.

ANTON. Ze moet het heelemaal niet zelf zeggen. T ant Wt kind er buiten.

MET! Nee, laat haar vrij uitspreken. Ellen, je vader zegt, dat Warnex en jij van elkander houden. (Ellen zwijgt) Zie je nu wel, anders zou mijn Ellen het mij heusch wel

ZCANTON. Wat, zij kan nu heelemaal niets zeggen. fhpftitJÏ Vraag het haar toch niet.

( META Jawel, ik zal je overtuigen. Als Ellen van Kees hield, zou ze wel zoo fijngevoelig zijn, Marcel niet telkens omhoog te steken, als Kees er bij is.

ANTON. Dat doet ze om tegengesproken te worden. Maar ik wil er nu niet verder over praten.

META Ellen, zeg dan toch iets, of nee, je hoeft het niet te zeggen. Jouw hart gaat uit naargareel.

ANTON. Haar dwaze dweperij. In Kees heeft ze ver

trouwen.

META. Marcel heeft ze lief.

ANTON. Niet hem, z'n zoogenaamde idealisme — dat

zoo valsch is

ELLEN. Nee, dat is niet valsch. META. Zie je het nu?

ANTON. Ik zie, dat jij haar helpt om verblind te blijven. 6

XII

Sluiten