Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE OPVOLGSTER

door

H. VAN RAALTE—SIMONS.

Tot het gezin van Notaris van Voorst behoorde Piet sedert zijn twaalfde jaar.

Als heel jong tuinmansmaatje was hij door den ouden tuinbaas aan het werk gezet en sedert diens dood, tot zijn plaatsvervanger gepromoveerd.

Maar terwijl Piet opgroeide tot een volleerd tuinman, (waarvoor hij zich in zijn vrijen tijd ook theoretisch bekwaamde, door het lezen van vakbladen en het volgen van populaire cursussen), voltrok zich in het notarisgezin de eene verandering na de andere.

De oude heer van Voorst was gestorven, de jonge werd in zijn plaats benoemd.

De tuin met het ouderwetsche tuinhuis, met het prieëel en de traditioneele rotspartij, met den goudvisschenvijver en de beeldengalerij (een stelletje half-verweerde goden en godinnen met kapotte neuzen, geschonden knieën, en beschadigde attributen!) werd tot eenvoudiger proporties teruggebracht. Het onderhoud kwam den notaris te duur, terwijl mevrouw, voor haar allengs grooter wordend gezin ook wel wat meer profijt van den tuin verlangde.

Sluiten