Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

190

KRONIEK.

het was toch onbillijk met de Vlamingen weg te loopen en de Noord-Nederlandsche schrijvers op den dijk te laten staan. Er zijn intusschen vaak, in snelle opeenvolging, perioden aan te wijzen en waarlijk niet alleen op het gebied der letteren, waarin alles wat van over de grens komt, onfeilbaar is en alles van eigen bodem vriendelijk wordt besproken om ten slotte met een „maar toch...." op zij te worden gezet. Zeker, er verschijnen bij ons goede boeken, maar toch.... En dan kwamen Timmermans en Streuvels, Cyriel Buysse en Maurits Sabbe voor het voetlicht. Wie had hun boeken niet gelezen? Niemand, die voor beschaafd en belezen wilde doorgaan, durfde er neen op te zeggen. De tijdschriften stonden vol Vlaamsche vertellingen, ja, de Vlaamsche auteurs hebben over gebrek aan waardeering in ons land niet te klagen gehad. Hun kleurrijk proza boeide en bekoorde en door de charme, die er van uitging, verloor men wel eens den goeden kijk op de juiste verhoudingen. Zij kunnen zoo sappig en smakelijk in hun kleurig taaltje vertellen, maar hun stof is beperkt en hun horizon gaat niet ver. Tegenwoordig dwepen we niet langer met de Vlamingen, hun boeken zijn geen mode-artikel meer, en dat alles komt het zuivere wezen der waardeering ten goede. Nu zien we ook helderder den invloed, waaronder sommige Vlaamsche auteurs hebben gewerkt.

Camille Lemonnier, die in het Fransch schreef, heeft er verscheidene beïnvloed. Zelfs Cyriel Buysse heeft in zijn realisme, zich aan den invloed van Camille Lemonnier niet kunnen onttrekken. Er is een werk van Camille Lemonnier in het Vlaamsch naverteld, dat ons nog zeer levendig in de herinnering staat, dat is „Het ventje van onzen Lieven Heer", een boek vol tafereelen als oude boeiende prenten, die je met gesloten oogen altijd weer voor den geest kunt halen. Het realisme van Camille Lemonnier is niet hard en rauw, ook niet daar waar hij den socialen strijd, den feilen strijd, der Vlamingen voor hun taal, beschrijft. In „Wind op de Molens", dat Antoon Thiry in het Vlaamsch op het oogenblik in dit maandblad navertelt, vormt die strijd in den meest toegespitsten vorm den eigenlijken kern der behan-

Sluiten