Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SPEL

door

MARIE SCHMITZ.

Vol van wit licht en helle zon-glanzingen stond het ruime slaapvertrek en de krinkelende zonlicht-weerkaatsingen, die het vijvervlak opwierp, liepen als licht-rillingen langs het gewitte plafond. Het geluid van kinderstemmen, beneden, leek te verdroomen in de zware middagstilte.

Erna zuchtte steunend en gooide zich om in het doorwoelde bed; haar rustelooze vingers beplukten de pluizige tulle der beddesprei. En haar blauwe oogen, donker van booze geïrriteerdheid, naar de manne-gestalte bij het raam, klaagde ze bits en gemelijk:

„Wat sta je daar nu toch.... en zegt niemendal.... Doe liever de blinden dicht, want het is hier niet om uit te houden!"

Zwijgend haalde hij achter de open vensters de groene blinden toe; een groenige schemer spreidde zich weldadig over de al te helle glanzingen en de lichtaddertjes aan het plafond brokkelden tot vonken en strepen uiteen.

Dan zette hij zich op den rand van het bed en zag op haar neer. Zijn hand nam de hare nog niet. Een glimlach,

Sluiten