Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SPEL.

Als was ze ergens tegen aan geloopen, zoo plotseling

stond zij stil. Het bonsde in haar borst. Z'n stem en

dat woord Er trok een floers voor haar oogen, maar

nog bleef haar gezicht strak.

„Waarom ben je zoo stil en zoo effen? Dat is toch niet alleen om die hoofdpijn?"

„Als ik hoofdpijn heb, zeg ik nooit veel...."

Zij wendde het gezicht af en begon weer te loopen. Roode gloeden golfden voor haar oogen en haar adem ging zwaar door haar krampende keel. En haar gezicht voelde vreemd verstijfd; zij wist zelf niet hoe strak het was.

Hij zag alleen de verslotenheid. Een heete drift dwarrelde in hem op. Hij had kunnen stampvoeten. O, hij zóu die strakheid breken, hij móést haar lachje weer zien, dat haar mond zoo kinderlijk-verlegen vertrok, den gloed in

haar oogen, dien zij niet tegenhouden kon Zijn stem

had een wonderlijk-donkeren klank en trilde even.

„Nee, zoo kom je niet van me af Zeg eens, is 't om

dat van Erna daarstraks of heb ik iets. .. .7"

Hoe kóm je er bij?" Even kon ze gewoon zijn. „Ik ken Ernaatje immers! Och, die flapt er wel eens meer wat uit en vijf minuten later is ze 't zelf vergeten." Van het andere nam ze niet eens notitie.

Toen legde hij zijn hand over haar blooten hals ; zijn greep hield haar tegen. „Zeg 's, ben ik 't dan.. . heb ik 't soms verbruid?" Dicht was zijn gezicht boven het hare.

„Och jongen welnee hoe zou je " Heftig

vloog het rood over haar bleeke huid, even zagen hem haar oogen; zij sloot ze als in angst.

„Jongen ben ik een jongen? " lachte hij zacht,

dichtbij.

Zij vond de kracht om te schertsen.

„Ach natuurlijk als je een verstandige groote man

was, zou je zoo niet zeuren."

Zij zag zijn lach en het vreemde blinken van zijn oogen. De zwaarte was gebroken. „Wel meisje," plaagde hij

Sluiten