Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NARCISSEN.

onbegrijpelijke, zoodat hij soms heimelijk het meest zich verheugde als hij dingen wist die geen logica konden bewijzen. Hij leefde vertrouwelijk met het denkbeeld te zullen sterven, daar hij graag de deur van een onbekende wereld zag opengaan, maar hij verlangde toch niet naar zijn dood, daar hij nog vaag in het leven hier mogelijkheden voorvoelde die hij wenschte door te maken; hij hield het nog goed uit in de grillig teisterende seizoenen en was verbaasd dat hij er slecht uitzag, want hij was een van de gelukkigen, voor wie de geschiedenis van het lijf zijn gang gaat zonder zich in ziekelijkheden te openbaren.

Hij ging als gewoonlijk een plein over waar bloemen verkocht werden en de verkoopers riepen luid om aandacht. Hij liep een der venters voorbij die een grove wollen das droeg en heesch schreeuwde. Hij meende toen dat hij geen bloemen wou koopen Er waren anemonen en druifjes en tulpen en viooltjes en het meest waren er de gele narcissen. Zijn hart trok even naar de kleurige uitstalling, maar zijn beenen bleven rustig op gang. Toen hij echter de volle pracht al voorbij was en nog een afgedwaalde bloemenverkooper passeerde, die alleen narcissen bij zich had, kocht hij plotseling een bos daarvan.

Bij het verder terugloopen naar huis dacht hij even aan zijn kamer en zijn huishoudster in verband met de bloemen. Zijn huishoudster was leelijk en sukkelde aan de oogen, zij was bescheiden en rustig, al deze eigenschappen hadden haar gemaakt tot een volkomen huisplant en het had geen zin haar nog in het volle licht te brengen. Zij woonde vijf jaar bij hem. Terwijl zij haar werk deed voor zijn materieel bestaan, had hij haar al deze jaren in een soort droom aangezien en haar in stilte liefgehad. Zij had zijn aandacht van andere vrouwen afgeleid en was een tijdlang de eenige vrouw van beteekenis voor hem, zonder dat hij behoefte had tegenover haar ooit daarop te zinspelen. Zelfs de bloemen die hij af en toe voor haar meebracht, liet hij in zijn kamer staan als zij goed vond ze daar neer te zetten. Zij verheugde zich dan toch bij het zien van die bloemen, ofschoon ze nooit wist dat ze voor haar waren, omdat hij steeds naliet

Sluiten