Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BOTANICUS PRO FORMA.

send stelletje nastaarden en toen waren ineens aller oogen op Schot gevestigd, die zoo ruw uit den hoek kwam.

„Nu breekt mijn klomp," — ging hij woedend verder — „en dat is uw schuld met al die flauwe praatjes over vergeet-mij-nietjes en paradijs, maar kijk, hier heb ik de sleutel en 'n knap man wanneer u daar ooit binnenkomt, dan heet ik geen „Schot".

Met stomme verbazing luisterde het publiek toe, maar niemand begreep waar de kwestie tusschen beide heeren feitelijk over liep.

Voor Karei was het teveel. Hij was nu werkelijk als kwajongen weggezet.

„Pardon mijnheer," — riep hij in drift — „ik begrijp u absoluut niet en ik groet u!" Meteen stond hij op en verdween.

„Dat komt goed uit," — riep Schot hem achterna — „want de rijst was aangebrand, maar denk er om, vanmiddag om half vier present hoor."

Karei schaamde zich dood; hij had de laatste woorden van Schot nog juist opgevangen en rende het terras af.

Karei sprong op 'n voorbijrijdende tram. Waarheen, dat wist hij waarachtig niet; hij liet zich maar rijden. Hij was totaal in de war en kwam eerst tot bezinning, toen ze hem opmerkzaam maakten, dat de tram aan 't eindpunt was.

„Allen uitstappen!" — dus ook hij.

Wat 'n ochtend. Beleediging op beleediging; hij had 't geslikt, alles terwille van Rosalie; pa Schot had hem echter tot 't uiterste gedreven. Moedeloos viel Stoppel op 'n bank neer, die langs den weg stond. „Zoek-dat-nu-eens-uit" — zuchtte hij en wat moest hij nü aanvangen? „Om half vier present" — had Schot hem nageroepen, maar dat ging niet. Hij zond n telegram, dat hij verhinderd was en vervolgens rende hij op de fiets, of de duivel achter hem zat de gemeente uit, want hij wou onder geen voorwaarde Schot nog ontmoeten. Eindelijk kwam hij wat op verhaal. De schitterende natuur en boschrijke omgeving werkten daar ook wel toe mee.

Sluiten