Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BEELDENDE KUNST.

ben de soldaten en het begeleidend publiek op een van zijn groote stukken een vrijwel ongevarieerd idioot-joderige uitdrukking in hun gelaatsstrekken, en waarom zijn op een ander stuk de twee huzaren een paar opgevulde grinnekende poppen en zien hun paarden er zoo béte uit? Zijn het persiflages? De menschen bij de wedrennen zien er ook alweer zeldzaam onnoozel uit. Als men de menschen wil „stileeren", dan behoeven ze toch niet ontmenschelijkt te worden en op zooveel lager plan te komen. Hier en daar is de kleur kinderachtig en hard. „De Storm" en het daaronder hangende schip waren schreeuwend van kleur en gewild „Egyptisch" van makelij. Ook vond men er raadseltjes in enkele lijnen en stipjes. Daarentegen was er een mooi min of meer fantastisch landschap, een paar uitstekende oude vrouwen-portretten, en een reeks vlugge, pittige teekeningen van mijnarbeid.

Bij Kleykamp werd in Augustus en September een tentoonstelling van oud-iHollandsche en Vlaamsche meesters gehouden, waar men zijn hart weer aan goede kunst kon ophalen. De inzendingen waren uit particuliere Nederlandsche en Engelsche verzamelingen. Merkwaardig waren twee Jan Steens, die niet in Leiden te zien waren, beide een huwelijksfeest voorstellend, het eene in de voorname, het andere in de boerenwereld: stukken vol leven en beweging, rijk van kleur en vol fijne menschelijke trekjes. In een vrouwenportret van den Delftschen Vermeer contrasteerde het prachtige, diepe rood en blauw van de gewaden met de matte tinten van gelaat en hals: een werk van grooten adel en distinctie. Men zag er ook het kleinste Rembrandtportret, dat tot nu toe bekend is: een oud gegroefd mannengelaat uit het jaar 1633, toen de schilder 27 jaren oud was; de peinzende uitdrukking van deze apostolische figuur is meesterlijk getroffen. Er waren van hem nog een schitterend meisjesportret en de doop van den Moorschen kamerling in een weidsch, indrukwekkend landschap. Voeg daarbij een mooi blank paneeltje van den weinig gezienen Jacobus Vrel met de pittige figuurtjes, een zeldzaam goeden Gerard Dou, een stoer mansportret van Frans Hals, uitstekende werken van W. van de Velde, Ludolph Backhuysen, Abr. van Ostade, Sal. en Jacob van Ruysdael, Pieter Claesz, Jan van Goyen, Hondecoeter, Weenix, Jacob Koninck, Gabr. Metsu en nog meer anderen, dan zal men begrijpen hoeveel schoons hier werd geboden.

Edw. B. K.

Sluiten