Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET BEZETEN HUIS

GROOTVADER (stug): Dat is dan ook de reden, dat ik je raadpleeg.

NOTARIS: Natuurlijk kun je geheel op me rekenen.

GROOTVADER: Zoo bedoel ik 't niet. Jij bent ook niet zoo jong meer, oude vriend. Wij hebben jongere hulp noodig. Ik leef hier zoo afgezonderd. Maar als notaris sta jij meer in het leven. Ik vraag je om raad. Ik betrek liever geen vreemden in dit geval, dat begrijp je. De noodzaak dwingt me er toe.

NOTARIS (na zich te hebben bedacht): Je hebt gelijk. De-eerste-de-beste veldwachter lijkt me ook niet de aangewezen man om geheimzinnige gebeurtenissen op te lossen, zooals zich de laatste nachten op »De Bronckhorst« afspelen. Je vraagt me om raad? Dien kan ik je toevallig geven — als is een plattelandsnotaris geen politie-expert! Ik heb vanmiddag gejaagd met je overbuurman van »Gelresteyn«. Hij vertelde me, dat hij, na het vertrek van den vorigen bewoner, zooveel last heeft van wilddieven. Hij heeft zijn maatregelen daartegen dus genomen. Een flinke jonge inspecteur van de Apeldoornsche politie was juist vandaag bij hem, om de eerste nachten een oogje in het zeil

te houden op die Veluwsche stroopers Als we dien

eens om raad vroegen?

GROOTVADER: Wien? Dien politie-inspecteur, of

den eigenaar van »Gelresteyn«?

NOTARIS: Waarom niet beiden? Den politie-inspecteur heb ik vanmiddag slechts even ontmoet — een doortastend type. Je nieuwen buurman ken ik beter. Ik geloof, dat je niet onverstandig zou doen, hem in je vertrouwen te nemen.

GROOTVADER (uit de hoogte): Ik ben niet van plan, vreemden te betrekken in de aangelegenheden van »De Bronckhorst«.

NOTARIS: Zoo bedoel ik 't niet. De bewoner van »Gelresteyn« zou er zeker niet zélf aan denken, je zijn diensten aan te bieden. Daartoe is hij een veel te bescheiden, hoffelijk man. Toch zou je een minder bekwaam adviseur kunnen treffen. Ik heb je nog niet over hem gesproken; hij is advocaat geweest, eer hij hier in Gelderland kwam wonen;

Sluiten