Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ROMAN VAN EEN SCHILDER

planter. De verwikkelingen der laatste weken meende hij plotseling aan zichzelf te moeten wijten. Het was den schilder, of al zijn inzichten verschoven en zich wijzigden. Een oogenblik duizelde het warrelig voor zijn blikken en toen, terwijl de eerste zonnestraal door een kier zijn venster binnensprong, begreep hij opeens, dat er een plicht bestond, waaraan zelfs een kunstenaar zich niet onttrekken mocht.

Van Baerle trachtte niet verder zichzelf te ontleden. In deze enkele uren was zijn levensbeschouwing volkomen veranderd en hij stond op om zijn nieuwe overtuiging te dienen.

Maar zooals bekend, zijn zulke snelle, verrassende bekeeringen meestal een bedenkelijk verschijnsel. Er is kans, dat de bekeerde een fanaticus wordt. Zijn vroegere bestaan schijnt een mislukking; den verloren tijd moet hij inhalen; hij wordt allicht een ij veraar, die in buitensporigheden vervalt. Zoo gebeurde het ook hier. Van Baerle brandde van verlangen om zijn nieuwe leer door daden te bevestigen. En helaas vond hij hiertoe maar al te spoedig gelegenheid.

VIII

EEN SCHAAMTELOOZE VROUW.

Dien morgen bracht de oude Bet met een zeldzaam knorrig gezicht den schilder zijn ontbijt. Hij lachte haar vriendelijk toe, tegen zijn gewoonte begon hij een gesprek. De dienstbode keek hem streng en toornig aan. Dan liep zij hem voorbij, zette ruw het blad op tafel, zoodat borden en kopjes rinkelden, en verliet het atelier, terwijl zij de deur klepperend achter zich toetrok. Verwonderd over een zoo onheusche behandeling, kneep de kunstenaar met duim en wijsvinger diepe plooien in zijn kin en — dacht na. Zijn stemming was van dien aard, dat hij niet verzuimen wilde om zichzelf te beschuldigen, zoodra hij maar een enkel

Sluiten