Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VILLA MORGENROOD

— Och.... 't kind, murmelde de oude. — 's Ist ja nichts.

— Wij hebben geen kinders — och nee, zei 't vrouwtje spijtig. — Alles kan hij — wijzend op haar man — alles knutselt hij terecht — maar dat niet. En kinders zijn zoo aardig. Ze vullen zoo het huis en het leven.

Haar magere handjes, als groote spinnen, plukten aan haar doek, terwijl ze Jo voorbij de muur bestaarde.

Bep slipte graag naar beneden, naast oude Heinz zat ze tusschen de vogeltjes rustig mee te knutselen. Soms ook vertelde de oude athleet een geschiedenis je uit zijn jeugd, uit de »Heimat«. Dan kwam er iets weemoedigs in zijn trékken, droomden de handen in, staarden de oogen, als zag hij ginder, ginder, heel ver, openbloeien de kleurige landouwen van zijn geboortestreek, herrees hèt wrakke, schamele, maar toch zoo dierbare ouderhuis, doemde op de teeder-vertrouwde beeltenis van zijn moeder, groote, blonde vrouw, die na moeizaam doorzwoegde dag zoo gaarne nog een poosje op de bank onder de linde zat, haar Heinz, haar krullekop aan haar schoot gevlijd en dan vertelde, eenvoudige dingen, maar onvergetelijk door hun innigheid.

— Ik geloof, meneer Heinz ziet alles, wat hij vertelt, meende Bep.

Het rustige evenwichtige van de oude artist trok Gerard aan, het diepe gevoel van de oude man verkwikte hem als hij terugkeerde van zijn vruchtelooze tochten langs de impresario's. Met het betrekken van zijn nieuwe woning beving hem een vrij, heerlijk gevoel, als was nu alle ellende geleden, zouden er gelukkiger dagen aanbreken. Maar die lieten nog steeds op zich wachten. Er moest worden geleefd, en als er niets inkwam Jo moest pandjes maken

uit hun toch al zoo poover bezit, ze plunderde Henk tot op een duit, niettemin het gebrek werd nijpender.

Daarbij kwam, dat Miep gedaan kreeg. Voor alle meisjes was er geen werk meer, de zaak moest verkleind en zij en nog eenige anderen als de jongst aangestelden ontvingen een extra weekloon en een prachtig getuigschrift, maar stonden op de keien.

Jo's humeur, de laatste dagen toch al ver van schitterend,

Sluiten