Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ZILVEREN MAAN

VODDENMAN.

Wat hebben jullie daar, kinderen? Is dat te koop?

WALLY.

Dat mógen wij niet verkoopen, koopman.

VODDENMAN.

Kom, laat maar eens zien. (Grijpt naar de twijgen.)

ATTIE.

Nee, afblijven. Kom mee, Wil.

VODDENMAN.

Nou, zeg dan tenminste wat het is. Laat me dan maar éven zien. (Een wandelaar staat stil.) Als ik niet weet waf het is, kan ik toch niet bieden. Willen jullie dan geen lekkers koopen?

ATTIE (haastig).

Nee, we verkoopen niet. 't Is niet van ons.

VODDENMAN.

Is 't niet van jullie? Laat dan maar gauw zien.

WANDELAAR.

Laat die kinderen met rust, koopman. Ga je eigen weg en laat hen spelen.

VODDENMAN.

En als 't nou politiezaken zijn? (Wally begint te sniknen.) Ja, daar komt al een agent aan, in de verte. (Heer met hoogen hoed blijft stilstaan.)

HEER MET HOOGEN HOED.

Wat is hier gaande met die kinderen?

WANDELAAR.

Die voddenman bemoeit zich onnoodig met hen. Rijdt maar door, jongens.

(De kinderen gaan verder. Meer wandelaars, vrouwen

Sluiten