Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VILLA MORGENROOD

— Wat een hoop! Nog meer! 0 Jenny, kind, dat is aardig. Zie eens wat Kitty schrijft.

Over Sonja's schouder las Jenny mee.

— Aardig hè?

— Heel aardig. En hier Paula Herveld. Die werkt in Rotterdam. Jammer, die had ik zoo graag gezien.

— Mar jon Nivella Peter de Hey en waarachtig

die malle Kokkelkoren. Die wou nog altijd me eens schilderen, maar er zal wel niets van komen. Bluf is 't ook, hij kan het niet. Wat trucjes kent hij, maar daarmee schilder je nog geen portret. Dat.... die malle kaart.... natuurlijk van Brammet je Buitenzorg.

Weer werd er gebeld. Nu zwoegde een jongen een prachtige conifeer de trap op.

— Prachtig, prachtig! juichte Sonja. — Van Miep die

goeierd. Wat een plant! Wel vijf etages. Jen, die zullen we aanstonds 't mooiste plaatsje geven. In de hoek bij 't raam.... dacht je niet? Of vlak er voor?

— 'k Vind de hoek mooier.

— Dan daar.

Sonja zwoegde en schikte. — Zoo.... zoo.... Of dat voldoet! Die Miep toch!

Jenny trippelde trap-op trap-af, dan kwam ze boven met een vaas bloemen, dan met een taart.

— Och, och, zuchtte Sonja.—Wat een dag! Wat een dag!

— 't Schijnt dan dat je 't niet erg aardig vindt jarig te zijn, Sonja. Je bent nu ook al veertig. Jenny rekte plagerig het laatste woord.

— O, veertig, lachte Sonja — vier kruisjes. Oud, hè? Maar 'k voel me zoo jong of ik de drie nog moet krijgen. En ik zou m'n verjaardag niet aardig vinden, als ik zie, dat er zooveel menschen aan me denken, lieve, hartelijke menschen. Kijk es om je.... bloemen, wat je ziet! Een weelde! En hier.... alles van het vette der aarde.... Jenny.... als ik dat zie....

— Straks komt er een taart van Peter Pot met afgemikt veertig zilveren balletjes.

— Denk je?

Sluiten