Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

676

BRIEVEN ZONDER ANTWOORD

trouwde, toen zij een-en-twintig was, met Hasling, een eerste-luitenant van het Indische leger. Een knappe, lange kerel, imposant in zijn uniform. Haar vader had een hooge positie aan een der ministeries, zijn vader was gepensioneerd kolonel, je hebt van die huwelijken, die zoo logisch zijn! Was mijn vrouw dom? Het zou wreed en laf zijn om dat nu te beweren. Ik geloof dat een kwart eeuw geleden alle meisjes nog dom waren, tenzij zij öf heel geraffineerd, öf heel leelijk waren. Begrijp je me? Zij trouwden, gingen naar Indië. En daar brak heel gauw de illusie. Indië is een bedonderd land voor illusies, ze worden er gauw gekraakt, ze zijn nog minder tegen de warmte bestand dan tegen de koude. Hasling bleek een onaangenaam heer, althans om mee getrouwd te zijn. Een charmeur in de soos, een gezellige plakker, en thuis een lastige vlegel, een »tiran en pantoufles«, zooals de Franschen dat noemen, en eindelijk zelfs een bruut. Mijn vrouw onderging dat eenige jaren met een zekere gelatenheid. Zij had de nog ouderwetsche opvatting van het huwelijk, dat men niet trouwt om maar weer te scheiden. En bovendien was er een kind geboren, Jantje, een ongelukkig, zwak kind. De uitspattingen van den vader, het zenuwgestel van de moeder, dat alles vond men terug in een zwak jongetje met een te groot hoofd en slappe

beentjes. De tragedie duurde nog een enkel jaar voort

In dien tijd ontmoette ik haar voor het eerst in Bandoeng. Hasling lag daar in garnizoen, ik moest er een paar maanden zijn voor de reorganisatie van het agentschap van onze bank. Ik ontmoette hen 's avonds op de soos, tegelijk met vele anderen. Zij maakte indruk op mij. Bandoeng was toen nog een klein gat, in een week tijd kende je de historie van alle Europeesche bewoners. Ik hoorde dus dat Hasling een geuniformde dronkelap en een speler was, en dat scheen mij bizonder tragisch voor die mooie vrouw. Zij kon nog zeer vroolijk en geanimeerd zijn in gezelschap, en toch voelde men dat zij ongelukkig was. Op een avond werd er aan een heerentafeltje over Heieen Hasling gesproken;, iemand gaf in bedekte termen te verstaan, dat zij ook niet afkeerig was van een flirtation. Ik, die anders de kalmte in

Sluiten