Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EMMA, DE BRUID

— Ja, dat is waar. We hebben haar ernstig gewaarschuwd, en haar alles verteld van onze plannen met Hans.

Maar, is 't 'n wonder, zei Hermance, dat je Mama, zoo

weinig gewend want ze was niet gelukkig met je Papa,

is 't wel?

O, neen. Papa minachtte haar om haar onbeduidendheid, ze verveelde hem vreeselijk, en hij was maar liefst zoo weinig mogelijk thuis.

— Nu, is 't dan 'n wonder, dat zoo iemand als je Mama óók gecharmeerd raakte op Hans? Hij is 'n charmeur

Och, ja gaven Folly en Ips aarzelend toe. Maar...

we hadden haar toch gewaarschuwd!

— Och! wat kan je tegen de liefde!

— Ja! maar wij waren haar dochters ze had niet zoo

egoïst mogen zijn.

— En ze was toch getrouwd!

— Och, wat wil je tegen de liefde Ik kan me begrijpen, dat zoon arm persoonlijkheid je als je Mama 'n gemakkelijke verovering was voor Hans.

— Dat was ze ook. Ze liet zich heel gemakkelijk veroveren .... en toen we dat merkten....

O! wat we toen geleden hebben. Dat is niet uit te

spreken, Hermance.

— We waren vertwijfeld, we haatten haar, haatten Hans, we wenschten haar dóód....

— En toen deden we, wat onfeilbaar hun scheiding bewerkstelligen moest

— We brachten Papa op de hoogte.

— Hebben jullie dat gedaan?! vroeg Hermance ontzet.

— Ja! ja! dat hebben we gedaan. Dat moesten we doen.

— We moesten ons wreken, of we waren krankzinnig geworden....

— We hadden ons misschien met onze eigen handen aan haar vergrepen

— En fluisterde Hermance.

— Toen heeft ze slaappoeders ingenomen te veel.

_ En fluisterde Hermance bewogen, hebben jullie

dan nü nog geen medelijden met haar?

Sluiten