Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE VROUW.

51

diekant, in het midden geplaatst, was van vervaarlijkeafmetingen. Ze luisterden nog langen tijd naar de vreemde stilte in huis en naar het gesuizel van de hoornen langs het droog riviertje; geen van beiden dorst zich roeren, uit vrees den ander uit den slaap te houden. Langzaam dommelden ze in, en werden weer wakker en doezelden weer weg, 't was zoo zalig in dat breede bed, en wel heel heerlijk zoo te rusten en zoo vredig lief samen te zijn

In den vroegen morgen werden ze al gewekt, om te vertrek ken, zooals ze zelf hadden opgegeven. Kil was het in de groote ontbijtzaal, hol en onheimelijk. Het ontbijt, zoo vlug genomen, maakte niet warmer. Zoo vroeg, dat de dauw nog op de velden lag, reden ze weg met de omnibus naar La Eoche. De lompe wagen hobbelde langs de stille wegen, ze huiverden van de kille ochtendlucht. Maar allengs deed de zon de nevels verdampen, de vogels vulden met gerucht de lucht die geurig was van ongereptheid, toen ze door een dorp reden, met hard gestamp van hoeven, drentelden daar al de kinderen, op weg naar school. Die droegen hooge zwarte boezelaars, hun blonde en bruine hoofden, ongedekt blonken in de zon; aan de houten hekjes talmden de vrouwen, de handen boven de oogen, en tuurden de kiemen na.

Te La Roche vonden ze het hotel al tamelijk vol gasten, ze kregen een kleine kamer boven in het huis. Terwijl Herman naar het postkantoor liep om zijn brieven te halen, ontpakte Josien de valiezen. Ze wilden hier eenige dagen blijven, dan over Esneux naar Luik. Vóór zondag konden ze in het heidedorp, in eigen woning zijn.

Josien dacht daar nu aan, ze wist niet recht of ze er zich blij

over voelde, dan wel ertegen opzag Heerlijk was het, vader

en moeder terug te zien ! Ineens bedacht ze zich, dat ze de

blauwe hyacinthen had meegenomen, en ze haalde die uit het papier en zette ze in een glas water op tafel. Dat maakte de kamer ineens fleuriger! Wel stijfjes was die anders, met het statige ledikant, een geel fluweelen hemel erboven als bij een praalbed, een verguld Christusbeeldje aan den wand. Josien zuchtte, terwijl ze ernaar keek. Doch ze hoorde nu Herman aankomen en haastte zich hem te gemoet. Gretig vroeg ze:

Sluiten