Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

156

TWEEDE VROUW.

Buiten werd de grijze sfeer al grauwer, een rukwind schudde de kale takken, het scheen er nog somberder door te worden. Ze schonk de koffie in de kopjes en zette zich over Hattinck.

— Er komt sneeuw, meende hij, de barometer daalt.

— O, sneeuw, daarom voelde ik me zoo vreemd, zei ze nadenkend. Altijd met weersverandering krijg ik zoo een drukkend gevoel, of er wat gebeuren moet....

— De kraaien krasten zoo vanmorgen, dat geeft storm, sneeuwstorm !

Josien antwoordde niet, weer geheel weg in gedachten. Nog zweefde voor haar oogen het liefelijk lente-vizioen, wat deerde haar het weer.

—■ Je hoeft toch niet uit, Her, vroeg ze.

— Vanmiddag wel, maar vanavond kan ik thuis blijven, dan schuiven we gezellig bij het vuur.

— Ja, en ik speel je wat voor

— Als je dat wilt.... we vergeten daarmee het nare weer. Josien stond op, en achter zijn stoel leunend streek ze hem door

het haar, terwijl ze schertste:

— Ik weet al wat het wezen moet.... de oude wiegeliedjes, de lijf deuntjes van mijn grooten jongen Heb ik goed geraden?

Lachend legde ze haar hand onder zijn kin en boog zijn hoofd wat achterover.

Hattinck ging niet op haar plagerijtje in. Even liet hij haar begaan, vervolgens duwde hij zacht haar hand weg en verhief zich uit zijn stoel.

— Kom, ik moet me eens gereed maken, zei hij ineens gerept en jachtig.

Hij trachtte ongedwongen te spreken, maar zijn stem klonk schor. Vluchtig kuste hij zijn vrouw op de wang en liep links van haast de deur uit.

Verwonderd bleef Josien staan. Wat scheelde hem.... ? Och, dat trieste weer ook, iedereen kon wel eens kortaf zijn, het beste er geen aandacht aan te schenken.

Ze zette zich in haar stoeltje voor het raam en trok haar werktafeltje dichter naar zich toe. Knus rommelde ze wat om in de talrijke vakjes, ruimde haar naaigerei op. De klosjes garen legde ze

Sluiten