Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

408

BART BOUWERS' SCHAT.

En dan nog de belangstellende vragen van buren en kennissen! Of dan nog altijd het geld niet gevonden was?

Nette was doorlopend paars van kwaadheid en dreigde tienmaal daags uit h'r vel te springen, naar ze zelf beweerde. H'r mond stond niet stil van 't verwensen van Bart, van Bemmers, van 't hele dorp —

Nardus doorleefde bange dagen. Schold hij niet mee, dan was hij een lauwzak, die niets aan de koue kleren liet komen, zei hij wat, dan was toch alles verkeerd. In z'n eentje schudde hij het hoofd en bepeinsde of alles was een beproeving van de Here-daarboven, of een meer dan helse stuk van de Overste-dezer-wereld.

Lange Boel, om aan 't gemok te ontkomen, zwierf, zo dra hij kon, de deur uit, zocht z'n troost bij kameraden, rookte met hen z'n pijp, dronk met hen z'n bier en deelde met hen de roem van losbandigheid.

Ook Grada verdroeg slecht het derven van het geld, waarop ze lang had gevlast, dat zo lang was geacht een zeker bezit te zijn. Maar ze beheerste zich ,al waren er soms ogenblikken ,dat ze het uit kon huilen van spijt. En als ze Sibrand op z'n knevels zag bijten, dan wist ze wel, dat bij hem ook de geschiedenis nog niet uit was, al wilde hij niet meer bekennen, ooit echt geloof te hebben geslagen aan de schat van Bart.

Het huisje stond zorgvuldig gesloten, en werd bij gelegenheid en lust nog eens weer doorzocht van de vloer tot de nok — Geen spleet bleef ongespeurd, geen gat ongepeild, wat wrikbaar was verbroken.

Maar altijd niets.

XV.

't Was op een mooie voorjaarsmorgen — Bart was nu al bijna een jaar gestorven — dat Nette nog es naar 't huisje ging voor een onderzoek.

Maar nauw had ze 't erf betreden of een kreet van schrik ontschoot h'r hppen. Van 't schuurtje waren een paar pannen gelicht, als had iemand zich daar een ingang zoeken te ver-

Sluiten