Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

KARAVANSERAI,

voelde zich als zacht-wiegend gedragen door onzichtbare handen

door een mooie wereld, doorbeefd door een vaag verlangen

dat zijn stemming een tikje van weemoed gaf.

Heel stil was Adolfien naderbij gekomen; ze schoof een stoel naast hem en ging zitten.

— „Waarom kwam oom niet dadelijk mee?" vroeg ze. — „„Hij moest op meneer von Lindenfels wachten en vond beter dat er iemand hier zou zijn, als straks de Hadjie en de wedönö komen. Ik verbeeldde me ook, dat hij erg moe was." — „Sprak hij niet over mij? Vermoedde hij niet, dat ik hier zou zijn?" — „Hij zei

het niet, maar ik geloof wel dat hij je verwachtte " —„ O! —

dus " „Dus ? jewou nog wat zeggen, Adolfien " —

„Nee betoel tida *) " — Ze kreeg een kleur, hij wist

waarom en was verlegen als zij. Na een kleine pauze, lang genoeg toch om elkander volkomen te begrijpen, zei van Arkel: — „Ik geloof niet, dat oom ons samenzijn berekend heeft, Adolfien.. ik heb ook gelegenheid genoeg gehad om vertrouwelijk met je

te spreken, vóór vandaag maar ik heb het niet durven

doen " — „Tjies! takoet2) waarvoor?" — „Bang niet

maar ik weet wat je nog kortgeleden ondervonden hebt " —

„O dat ja; maar dat is voorbij, dat gebeurt dikwijls "

„Zeker, maar als je van hem gehouden hebt , dan valt het

vergeten toch niet zoo gemakkelijk, dacht ik." — „Dat zeg ik

ook niet, maar als het móét, ja? Een wond, hij geneest toch

Je moest daar niet over praten " — „Dat móét ik toch wel,

als we eerlijk tegenover elkaar willen staan." — „Maar dan kan

ik jou ook wel vragen Heb jij nooit liefgehad? " — „Daar

heb ik je al op geantwoord: meer dan eens, ééns zeker." — „Nou

dan is dat niet hetzelfde?" — „Ik geloof het niet, maar

misschien toch wél zeg maar van wél Dat is nu eigenlijk

voor mij het moeilijke, Adolfien ik verbeeld me soms, nu

hij voorbeeld, en zooeven toen ik je onverwacht terugzag, dat ik wel van je houd, maar een anderen keer sta je weer heel ver

van me af Ik ben weieens naar je toe gekomen om je te

vragen, maar dan ineens miste ik weer de zekerheid en zweeg '

— „Nou, zwijg dan nu ook " — „Als je dat liever hebt, goed —

dan zal ik zwijgen...." —

») Heusch niet! ') Sliep uit! bang!

Sluiten