Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DB LEGENDE OMTRENT DESERTIUS.

rede begaafde menschen te leven en te sterven, - gelijk ook m de omringende landen een reeds lang gevestigd goed gebruik was. Weliswaar beweren sommige, ongetwijfeld kwaadwillige geschiedschrijvers, dat dit besluit niet met volkomen eenstemmigheid zou zijn genomen; ja dat de oudste en meest voorzichtige Dieren uit vrees voor onsterfelijke blaam zich hardnekkig tegen deze onvergelijkelijke dwaasheid, gelijk zij het noemden, zouden hebben verzet; doch ik stipuleere nadrukkelijk tegenover dergelijke onbewezen beweringen, dat ik niets, hoegenaamd, hieromtrent heb vermeld gevonden in de officiëele geschriften, dewelke ik toevallig in de gelegenheid ben geweest te bestudeeren. Maar zelfs dit daargelaten: is gebrek aan eenstemmigheid op vergaderingen ten onzent niet een té gewoon en alledaagsch verschijnsel dan dat het ons zou moeten bevreemden of verontrusten, dit ook van elders en uit andere tijden te vinden bericht? En blijkt hieruit dan niet weer zonneklaar, dat allerlei door kortzichtige geleerden gelanceerde beweringen gemeenlijk het beste worden te niet gedaan door een beroep op de officiëele lezing?....

Het was dan, gelijk ik zeide, in den tijd dat de Dieren een zeker rijk op de planeet Desertius bewonende, eenpanghjk tot den joyeuzen overgang naar het menschelijke besloten hadden. De langgevoelde behoefte aan een meer ethisch en aesthetisch Zijn was in die mate dringend gebleken, dat het op eenmaal volle, zuivere ernst werd met de reeds zoo dikwijls beleden voornemens: het beestachtige voortaan te mijden, en met alle dierlijkheid voorgoed te breken. En aangezien het nu, naar zij hadden vernomen, in de hen omringende rijken gebruik was, te leven in eene maatschappij, binnen welker grenzen naar eene gestelde orde, allen als gelijkberechtigden konden verkeeren, zoo werd aanstonds alles in het werk gesteld, eene zoodanige samenleving te grondvesten. Veel voordeel wist men bij dit werk te trekken uit de ervaringen van een ouden Vos, die jarenlang m gevangenschap onder de Menschen had vertoefd, en die daardoor bij uitstek was in staat geweest, het menschelijk Wezen, gelijk hij zich uitdrukte, te leeren kennen en doorgronden. Hij beweerde namelfik bii zijne studies tot het inzicht te zijn gekomen, dat de Mensen zich slechts door iets uitwendigs van een Dier onderscheidde, een soort Hulsel noemde hij 't, of Masker; zoodat, om gelijk

Sluiten