Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE LEGENDE OMTRENT DESERTIUS.

Het spreekt overigens haast te zeer vanzelf, dan dat het afzonderlijke vermelding zou behoeven, dat de bezorgdheid des vorsten ten Hove niet onopgemerkt bleef. Men zag den goeden koning tobben, zonder nochtans precies te weten, wat Zijne Majesteit zoozeer bedrukt deed zijn. Somtijds, temidden der feestgenooten, zat Z. M. geheel in zichzelf gekeerd aan tafel, en het was wezenlijk slechts aan de lofwaardige zelfbeheersching der sympathieke gasten te danken, dat de feeststemming, althans naar buiten, er niet onder leed. Doch het was helaas niet meer dan schijn, want innerlijk was men verontrust en bedrukt. Op zekeren dag, door een onverhoopt woord, kwam het er dan ook toe, dat men het elkaar bekende, niemand bleek meer in staat, zijne gevoelens voor anderen te verheimelijken. Maar toen het dan eenmaal zoo ver was, wilde men ook onmiddellijk toonen, de waarachtige belangen des r'iks in zorg voor den persoon des konings te begrijpen, en besloot men, terstond bijeen te komen ter beraadslaging over de vraag, op welke wijze men Z. M. zich het best zou kunnen doen restaureeren van de zorgen en de geleden vermoeienissen des zwaren rijksbestuurs. Den volgenden dag reeds werd die bijeenkomst gehouden, en eenstemmig werd besloten, den vorst dienzelfden dag nog voor te stellen, eene reis te maken door het rijk, die zoowel ontspanning en genezing voor Z. M. beteekenen, als de band tusschen vorst en volk nader toehalen zou. Leo I aanvaardde dit voorstel, en na de behartiging der regeeringsbelangen voor eenigen tijd aan een in elk opzicht vertrouwden plaatsvervanger te hebben overgedragen, begaf Z M zich, in een luxetrein, weldra met zijn gevolg op reis, doodmoe maar overgelukkig. Want hoewel hij zich getroffen voelde en ontroerd door de gebleken zorg voor zijn persoon, het blij vooruitzicht van een vrij langdurig onmiddellijk contact met de bevolking, overstemde deze bewogen gevoelens en deed hem opgewekter zijn, dan hij in lang geweest was —

IV.

Volgens de oude geschriften nu, die, gelijk ik zeide, ik toevallig in de gelegenheid ben geweest te bestudeeren, moet de tocht des konings gedurende negen dagen een ware zegetocht geweest

Sluiten