Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE GEZEGENDE ECHT

DOOR

GABBIËLE VIOLANTI. L

Broeiend was de Augustus-nacht. Een zee van hitte stortte zich in rijken overvloed over de aarde heen. Daarin zwommen de muggen met loom welbehagen. Al de sterren stonden op den donker-blauwen hemelgrond uitgespreid als in een tentoonstelling van lichten.

Het was alom stil en rustig. Geen vogel zong er nog: de laatste amoureuze klacht bezweek in de zwaar-drukkende warmte.

Melanie kon dien nacht maar niet in slaap geraken. Onrustig woelde ze in haar bed, beproefde op velerlei manieren in den zoeten sluimer te verzinken. Ongedurig keerde en draaide zij zich om, zocht tevergeefs een houding aan te nemen,waarin zij, geduldig, den weerbarstigen slaap kon wachten. Zij pijnigde haar moe-gedacht hoofd met al de middels, die gedienstige buurvrouwen tegen kwaadaardige slapeloosheid hadden opgesomd; maar geen dat hielp of eenigszins de kwelling verminderde. Ze had al wel tien keer tot vele duizenden geteld en herbegon ten elfden male, eerst geduldig en nauwgezet, dan al sneller en al radeloozer; tot ze er hoofdpijn van dreigde te krijgen en al de cijfers treiterig voor haar oogen dansten.

Er was niets aan te doen. Ten einde raad, besloot ze het venster te openen. Lang aarzelde ze, eer dit stoute besluit ten uitvoer te brengen. Zulks was haar nog nooit gebeurd; ze kon zich althans niet herinneren ooit tot zulk uiterste haar toevlucht te hebben genomen. Zorgvuldig sloot ze, eiken dag bij de deemstering, haar raam en verzekerde het met een sterken grendel, dien zij op haar eigen kosten had laten aanbrengen. Zóó had zij, gedurende de vele jaren die zij met trouwe plichtsvervulling ten

Sluiten