Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN BOTSING.

hempje, zoo deed ieder wat, Moe had nog zoo'n leuk patroon voor een kapertje.

Om half vier werd er gebeld. Nee, ze dee niet open, ze durfde niet, o jeetje, ze schaamde zicb dood,

Ringeling.... dat was de tweede maal al. Gelukkig, Moeder ging. Er kwam iemand naar boven.... ja, 't was de stem van de juffrouw. Ze gingen naar binnen.

Riek wist niet, waar ze het zoeken moest: die Vader kon zoo uitpakken, als iets hem niet beviel! Van louter spanning trok ze een nuffig smoeltje en werkte geruischloos voort met ingehouden beweginkjes.

In de kamer zat de juffrouw tegenover Vader aan de tafel en kwam met haar plannetje voor den dag. Ze praatte rad — met in haar stem eventjes de verveling om 't verhaal, dat ze al zoo vaak had gedaan en met een tikje arrogantie in den toon, die ze zich onwillekeurig had eigen gemaakt in haar omgang met menschen, die in ontwikkeling haar minderen waren.

„IJ zult er zeker geen bezwaren tegen hebben?" besloot ze haar uiteenzetting. „TJ vindt 't zeker wel goed juffrouw?" herhaalde ze nog eens, zich nu speciaal tot de moeder wendend.

'n Beetje onhandig was die op zij van de tafel blijven staan, wat verlegen met het plotselinge bezoek. Nu nam ze een bout op, hield hem even langs haar wang om de hitte te voelen en begon weer te strijken.

„Ja," zei ze wat onzeker, „ja, het lijkt heel aardig."

„Dus zullen we dat dan maar voor afgesproken beschouwen?" drong de juffrouw verder aan.

„Jawel, jawel, alles goed en wel," kwam nu plotseling met z'n grove stem de baas er bij, extra-geprikkeld omdat hij zoowat buiten de discussie was gezet. „Dat gaat zoo maar niet, ik heb toch zeker ook nog wat te zeggen. Laten we nou maar eens eerlijk met elkaar spreken, juffrouw, ik hou niet erg van zulk soort dingen. En nu heb TJ mooi zeggen van dat de jonge meisjes op die manier van de straat worden gehouden maar ik zeg maar, de mijne moesten 't hart eens hebben, dat ze 's avonds langs de

Sluiten