Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET GEVLOEKTE LAND.

Aanhoudend boog ze, vatte een bundel halmen, sloeg haastig een band er om, boog dieper voor het twede hechtsel en liet de garve langs h'r knie naast zich neerduikelen. Eeeds had d'r haak een nieuwe greep gedaan, had ze een band gelegd, nog een.

Gert-Jan zag niet om, maaide stug voort, onbekommerd om wie achter bem kwam. En was Lien ook een flinke bindster, zij moest achter blijven, hoe ze zich ook weerde. Ze beet h'r lippen — dat was h'r nog nooit gebeurd. Maar met Gert-Jan had ze nog niet gewerkt.

Ze richtte zich op om z'n werken ga te slaan en wreef in verwondering h'r armen, hoog naakt onder de korte mouwen van h'r lijfje. Dan vatte ze de haak weer, die h'r ontvallen was, welde een bundel halmen samen, bond en bond.

Ze wilde toch zien, wat ze vermocht. Ze zou zeker bij komen, zeker. Gert-Jan zou moeten verpozen, want zo kon het niet voortgaan, zo'n kracht was buitengewoon.

Maar 't ging voort tot het morgeneten, van 't morgeneten tot 't middagmaal, van toen tot de koffie en tot de avend.

Gert-Jan vertraagde niet. Z'n slag bleef vast en geregeld, hij zelf scheen onvermoeid. Al de andere maaiers had hij ver achter zich gelaten. Lien kon 't haast niet geloven.

Was die Bart dan niet flink?

En Gelmer niet?

Zeker, maar Gert-Jan!

En dag aan dag werkte hij voort, tot 't hele veld gemaaid lag. Toen was hij de eerste met het laden.

Welsing overzag z'n arbeid en overlegde bij zich zelf of 't niet mogelik zou wezen Gert-Jan als vaste werker te behouden. Gerust hij werkte voor twee.

Het koren kwam binnen zonder dat weer een droppel water was gevallen. Wel had de lucht gewerkt, wel was een paar morgens de zon dreinerig opgekomen, maar telkens waren de buien te niet gegaan, telkens was de dag klaar en warm geworden.

De boeren waren hooglik verwonderd, dat 't zo lang goed kon gaan. Maar nu verlangden ze toch wel naar wat regen. Het gras werd schaars, de sloten waren droog en 't vee liep uit de weiden. Een bui, een flinke bui zou veel goed doen, en voorhands kon 't

Sluiten