Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK IX.

Het was een klare Septemberochtend, toen Vrouke de Lieme begraven werd. Hubert was vroeg uitgegaan in gekleede jas. Hij liep door de Waardsche landen naar Montfoort; langs Appelendijk, de Schans en de Punt van 't Land. De dag was heel blank ingezet; de transparante nevelmantel aan den einder was al verdampt eer de wandelaar dat zag. Nu werd dat klaar in de wijdte als een landschap van Aelbert Cuyp. De hemel onder de zon was wit en met een scherpe lijn gescheiden van het land. Hoe wijd men keek, wijdere wijdten waren achter het verste punt nog altijd denkbaar. Alzoo werd de wandelaar een ruimte gewaar, zonder belemmeringen hoegenaamd, een ruimte, die vrij en diep ademen doet en zwaaien met de armen van pure uitbundigheid.

Voor Hubert uit liepen de schoolkinderen uit Snelrewaard in een warrende kluw. Aan menig huis bleven ze wachten; dan riepen ze iets, dat ver verklankte tegen een hooiberg of een schuur, en de deeldeur ging open, een 166

e66

Sluiten