Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Intusschen is het donker geworden. In het ronde van het pleintje worden kienspanen ontstoken. Onwerkelijk van vlammende wildheid dwarrelen de paren dooreen, mijn kleine buurman, ingeslapen, heeft mij tot zijn peluw uitverkoren, de pater, die een teug gedaan heeft, veegt zich de droppels van de dubbele onderkin, Valentijn, bultig getroond op zijn wijnton, grijpt in de snaren, als wilde hij er de ziel van het lied aan ontrukken, het meisje, waarmee ik gedanst heb, tript uit een schaduw te voorschijn en ghmlacht mij tegen, en terwijl ik, het hoofd achterover, tot op den bodem mijn kroes ledig, voel ik mij bereid en in staat tevens tot de zelfverloochenende goedheid der heiligen.

72

Sluiten