Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het vóélde ... zich om ... en lachte. En voor een der bovenramen van hetzelfde huis klopten op dat oogenblik blanke bezige handen een kussen uit, en de vrouw van den man, — Lize kende haar wel en wist dat ze zwanger was van haar derde kind — stond even, met een rustig tevreden gezicht voor het venster, en tuurde met stille oogen naar de blauwe, ijl-doorzonde winterlucht. Huiverend schoof Lize terug in de schemerige diepte van de kamer, de schampere bittere vouwen groefden weer om haarbleeken mond. Er waren dus nog meer van die dom-vertrouwende schepsels als zij... en méér mannen, die als Herbert, —> och kóm 1 zou er één anders zgn? Eén van al die keurige, correcte meneeren, die niet, als hij er kans toe zag, z'n vrouw bedroog? Zou niet elk van deze rustige huizen, achter de gladde ondoordringbare vitrages hetzelfde leed besloten houden ... ? Zou er één zgn, dat niet z'n eigen heimelijk drama had?

Vage herinneringen had ze aan verhalen van kennissen, van Herbert, van haar praatgrage meid... altijd geschiedenissen van echtbreuk en ontrouw, van één die slim bedroog en één, diedoor debeluste toeschouwers half spottend beklaagd werd... En altijd, bij zulke verhalen, had ze gedacht: dat betreft gewetenlooze, wufte menschen, een paar dat nooit echt van elkaar gehouden heeft... om geld of stand is getrouwd; en met een onbegrijpelijke rust had 94

Sluiten