Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Kerstdagen al voorbij. En gezien had zij Willy nog niet.

Had Martha niet gezeid: „Wat zie je er hef uit en zoo jong!" En Herman: „Je lijkt wel een jong meisje!" En vleiers waren die vrienden niet.

En toch — de muziek had alle bekoring verloren, 't was of er een kille wind door de zaal woei. Zij verlangde hevig naar het slot. Maar de pauze moest nog beginnen.

Willy was er zeker niet. Een paar kennissen kwamen hen aanspreken. Thily hoorde haar eigen stem als de stem van een vreemde, haar glimlach voelde zij gemaakt.

Was niet dat woord ook tot haar gesproken: — „Gfj zijt te oud!"

O jeugd is veel, o jeugd is alles voor de meeste mannen. De vrouw hebben zij niet hef maar haar jeugd. En vrouwejeugd is snel verwelkt. Maar Willy stond hooger dan de meeste mannen. En ware liefde is voor de eeuwigheid.

23

Sluiten