Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE EEUWIGE STILTE.

ALS er iemand met muziek begraven wierd, ging het oude Lieneke dien dag niet op de baan; dan schudde ze haren kapmantel over hare gebogene schouders, knoopte de binders van hare witte pijpkensmuts goed in een strik, en ging nevens de muzikanten stap voor stap naar het kerkkof.

Daar, aan het opene graf, speelde het muziek, terwijl de kist voor altijd in den grond zonk, nog een schoon, triestig stukske; en dan was Lieneke blij omdat haar man en haar kinderen, die in denzelfden grond begraven lagen, dat muziek dan ook hoorden.

Ze wenschte dat eikendeen met muziek begraven móest worden, alleen om de doöden, die al zooveel jaren in de duisterstille aarde rustten, de stilte aangenaam te maken. Want de dooden hooren slechts muziek, dacht het rimpelig vrouwke; woorden, gebeden, gesprekken kunnen ze niet hooren, ook niet de karren, die voorbij rijden op den steenweg, noch den donder, noch den wind.

Voor muziek alleen gaan hunne ooren open, en daarom zou God in 't laatste oordeel, de

52

Sluiten