Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nico's humeur greep weer Rie's gezondheid aan. En, was zij ongesteld, dan verweet hij haar dat haar altoos wat scheelde, dat zij keek als een slachtoffer en met haar somberheid den geduldigsten man het huis uit zou jagen, om elders te zoeken naar vroolijkheid.

Nu had ze, om zelfbehoud, haar toevlucht tot haar zusters genomen. En daar schreef Truida nu dat zij haar vooreerst niet ontvangen kon. De meid was ziek naar huis, de werkvrouw kwam maar halve dagen, 't was nu onmogelijk, een logee te hebben.

Tranen welden in Rie's oogen. Door een waas zag zij de donkere eiken meubels in de kamer, de groene planten in de serre, de sneeuw in het tuintjesvierkant, den blinden muur, die haar horizon begrensde, de grauwe lucht, waar trage vlokken uit neerzegen. De smart kropte in haar keel, moedeloosheid verlamde haar leden. Even snikte zij 't uit, de oogen in het zijden kussen van haar stoel, toen bedwong zij zich, bang dat de meid haar zou hooren.

Maar Keetje had haar al gehoord.

—„Mag ik even de kandelaars halen?"

30

Sluiten