Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de zieh met de vanillereuk der heliotropen en het herfstaroom der paarse en witte phloxen. De volle hydrangeatrossen hingen blank als seringen, de kleine zonnebloemen waren zoo vroolrjk geel als lente-narcissen. In de hooge kristallen vaas kleurden zomersch fluweelige roode rozen. Zacht gleden Emma's vingertoppen over de krullende rozenblaadjes. En zij repte zich naar den tuin om een gele-rozenstruik te plunderen. Rozen, veel rozen moesten er zijn! Haar warm gezicht dook in de gele rozen om er den fijnen perzikgeur van op te snuiven.

De hangklok in de gang sloeg drie uur. De pendule tusschen de gele dahliaas sloeg ook. Over een uur zou Hugo komen. Nog een vol uur om haar ontroering te overwinnen.

In de laan riepen spelende jongens elkaar:

— „Jacques! waar blijf je toch? Jacques, ik heb zooveel bramen gevonden!"

Emma's gezicht dook op uit de rozen. De blos was van haar wangen geweken en de meisjesachtige blijheid van haa-i oogen was weg. Zonder het te weten ontbladerde zij een roos.

75

Sluiten