Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

24

afwerpen, en vooral, welke aanduidingen zij ons geven omtrent een natuurlijke didactiek. Dat daarvoor een intense belangstellng voor en een vast geloof in de paedagogische belangrijkheid van al die spelletjes noodig zijn, behoef ik u niet te zeggen; en wanneer die niet gevonden kunnen worden zonder een bijmengsel van fröbeliaansch mysticisme, welnu ik zou zeggen, in vredesnaam. Fröbel zelf zegt het zoo trouwhartig in dat fraaie boekje, waarin hij al die spelen op de aangeduide wijze behandelt, zijn Mutter- und Koselieder (Uitgave Seidel, bl. 176). „Zie, lieve moeder, het is mijn vaste overtuiging, die ik echter evenmin u als iemand anders wil opdringen, die echter niemand, die haar tot de zijne maakt, eenige schade zal toebrengen, maar wel aan de lieve kinderen, aan het opgroeiende geslacht en zoo ongetwijfeld aan de geheele menschheid, groot gewin, het is mijn vaste overtuiging, zeg ik, dat in alles wat den kinderen voortdurend en altijd weer opnieuw ware, reine, levensheldere gemoedsverheuging, zinrijke hartevreugd en echte zielevreugd verschaft, waarin onschuld en vroolijkheid heerscht, dat in dit alles een hoogere, voor het leven des kinds gewichtige beteekenis ligt, ja iets, dat tot het hoogste opvoeren kan".

Laat ons bij dit allergewichtigst punt nog even stilstaan, n.1., dat wij nog altijd hebben te zoeken naar een volkomen natuurlijke didactiek en een volkomen natuurlijke leerstof voor het kind in den schoolplichtigen leeftijd. Vroeger, toen ik Fröbels werken minder kende, meende ik altijd, dat hierin vooral de groote beteekenis van zijn optreden lag, en ook thans nog meen ik, dat die beteekenis nergens zoo klaar en nadrukkelijk blijkt als hier. Rousseau had wel den eisch gesteld, en Pestalozzi had getracht hem te verwezenlijken, maar hij was spoedig weder afgegleden tot het zoeken naar de eenvoudigste middelen om de traditioneele en conventioneele, door de maatschappij geëischte, den kinderen innerlijk vreemde leerstof hun bij te brengen. Fröbel ziet ze als zoodanig (M. E. bl. 162) en wendt zich - daarom principieel daarvan af. Weet gij, wat de diepste grond is, -dat hij altijd met zijn opvoedingswerk ontevreden bleef, altijd -vol heimwee heenzag naar den kleinkinderleeftijd en eerst tot rust -kwam, toen hij zich geheel daaraan gewijd had? Het was, . omdat hij daar, en daar alleen, de handen vrij had, zonder

Sluiten