Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wanneer wij nu dit verschijnsel constateeren als een reactie op de onmiskenbare inzinking der dramatische kunst in de periode, welke nog zeer dichtachteronsligt, dan mogen wij deze zich openbarende sterke behoefte, om door eene nieuwe oriënteering in de groote kunst van het verleden een herbloei in de naaste toekomst voor te bereiden — eene behoefte, welke zich alom, in de meest uiteenloopende kringen onzer samenleving doet kennen — beschouwen als eene hoopvolle aanwijzing, dat het er met onze kunst toch niet zóó droevig voorstaat, als sommige ontgoochelden en pessimisten ons wel willen doen gelooven.

Meer en meer wint daarbij de overtuiging veld, dat de dramatische kunst eene zelfstandige is, naast andere verschijnselen in de poëtische productie der menschheid en dat men dus, om tot haar wezen te kunnen doordringen, de studie van het drama zal hebben te emancipeeren uit de algemeene beoefening der litteratuur. Dit brengt ook mede, dat wij onze eigen methoden van onderzoek zullen moeten scheppen,/ maar, ook al zullen wij daarbij die beide andere categorieën tijdelijk op den achtergrond dienen te schuiven — zooals deze het de onze moeten doen, om zich op hare eigenlijke taak te kunnen concentreeren — dan zal dit toch geenszins eene veronachtzaming, nog veel minder eene geringschatting van die andere werkwijzen, met andere doeleinden, mogen beteekenen.

Bij voortduring zullen wij ontwaren, hoe onontbeerlijk kennis en inzicht van het historisch verband zijn voor eene juiste onderscheiding van de dingen, waaraan wij onze aandacht zullen wijden. En waar het woord van oudsher de belangrijkste plaats in het drama inneemt, daar zullen kritiek en commentaar van den tekst ook bij onze beschouwingen van het grootste gewicht blijken. Zoodat ten slotte uit de harmonische samensmelting der drie categorieën het gave beeld van het dramatisch kunstwerk zich in onzen geest zal kunnen fixeeren.

n

Sluiten