Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

182

Angstwekkend lang bleef hij onder, zoodat het Pikmans zelf ten slotte benauwd werd.

„Trekken, jongens!" beval hij, „den man is stellig wat overkomen!"

Ijverig voldeden de anderen aan dit bevel, doch daar verscheen reeds het bleeke gezicht van Govert aan de oppervlakte.

Hij proestte als een bruinvisch.

Behendig klauterde hij langs een trap, welke men buiten boord had gehangen, naar boven.

„Wel," vroeg Wim, „heb je nog wat gezien ?"

„Ja zeker," hijgde Govert. „hier vlak voor ons is een gat in het dek en daar rechts, eenige meters verder voert een trap naar beneden. Wat had ik wel willen geven, om eens naar beneden te kunnen gaan, maar dat was natuurlijk onmogelijk!"

Had de man de tegenwoordige duikertoestellen gekend, dan had hij zijn zin kunnen krijgen.

„Is hier een gat in 't dek?" herhaalde Pikmans.

„Ja, schipper, „maar ik ga wat aantrekken, 't Is me hier te koud."

Govert haastte zich, zijn kleeren aan te schieten.

Pikmans had echter zijn geheele aandacht bij het werk.

Terstond wierp hij de dreg naar de aangeduide

Sluiten