Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

39

„Dat behoef je Mijnheere van der Does niet te zeggen," viel van Aecken in. „Je weet toch zeker wel, dat Zijne Edelheid van Noordwijk ook Dijkgraaf en Hoogheemraad van Rijnland is ? Hij weet van die ongelukkige brug te Alfen dus alles af 1"

„Ik wist het niet," zeide Cornelis, „maar zooveel te beter! Als het Zijne Edelheid maar dikwijls gezegd wordt, zal het kwaad misschien gauwer verholpen zijn I"

Jonkheer van der Does hoorde dit alles bedaard aan, doch welk een vrij groote macht hij ook, als Dijkgraaf en Hoogheemraad bezitten mocht, aan het veranderen van die brug kon hij niet veel doen, daar de belangen van het heele waterschap soms heftig konden tegengewerkt worden door de belangen van de talrijke Heerlijkheden, die men in Rijnland vond. Hij zeide er dus niets op, maar vroeg : „En hoe ben je in die schansen gekomen ?"

„Wij hebben de boot gevraagd van Cornelis Jansz., die op de „Hogewoert" woont, en deze zelf is met ons medegegaan."

„Ja, en onderweg hebben we Mees nog opgenomen. Deze zat te peuëren, doch ving niets," sprak Gerrit.

„Welke Mees?" vroeg van Aecken.

„Mees, de klapperman, die op „Marendorp" woont."

„En wat heeft die heldhaftige krijgsman wel gezegd ?" vroeg Jonkheer van der Does met een spottend glimlachje.

„Hij heeft ons alles uitgelegd, Uwe Edelheid! Want, ziet u, die oude Mees weet van oorlogen af. Hij heeft onder Keizer Karei gediend, en is, zegt hij, zelfs in Rome geweest om den Paus gevangen te nemen. Kan dat waar zijn, Uwe Edelheid ?" . „Dan diende hij onder een anderen Karei, en wel Karei van Bourbon, en het is moeilijk uit te maken of die gevangenneming geschiedde met goedvinden van Keizer Karei, ja of neen."

„Dat zei Mees ook, Uwe Edelheid, en dan zal hij ook wel dien Karei van Bourbon bedoeld hebben. Maar later ging hij toch in dienst van den Keizer en van Koning Filips," zeide nu Gerrit. „Hij werd in den slag bij Saint-Quentin gewond

Sluiten