Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

15

ben. In de nader gewijzigde begrooting van het Departement van Arbeid, Handel en Nijverheid voor het dienstjaar 1924 wordt uitgetrokken: voor bijdragen van het Ey'k aan gemeentelijke instellingen tot keuring en gemeentelijke laboratoria ruim 1.500.000 millioen; voor bijdragen in de kosten voor den aanleg van drinkwaterleidingen ƒ 115.000, een subsidie voor een kweekschool voor vroedvrouwen te Heerlen ƒ 168.000, drie woningbouwposten te zamen ƒ 15.250.000, huurcommissiewet ƒ 200.000; voor verhooging der subsidies aan werkloozenkassen ƒ 500.000; voor bijdragen aan wachtgeldregelingen ƒ 150.000; intercommunale arbeidsbemiddeling ƒ 140.000; bekostiging werkzoekenden buiten hun woonplaats ƒ 100.000; markentoeslag ƒ 180.000. Ziedaar alleen bij het Departement van Arbeid, Handel en Nijverheid slechts enkele posten, welke naar mijn bescheiden inzicht op de begrooting voor 1924 en vooral niet op den nader gewijzigde begrooting in dien vorm hadden mogen komen te staan. Het wil mij althans voorkomen, dat een minister die zich den ernst van den staatsfinaneieelen toestand bewust is op dit bedrag van 18% millioen nog wel iets had kunnen vinden, wat hadde kunnen bijdragen 'om ons land een tariefsverhooging te besparen. Men moge daarbij nog wel in aanmerking nemen, dat geen dezer posten tornen aan de positie van den Nederlandschen arbeider: de geheele afdeeling arbeid, de geheele arbeidersverzekering, de werkloosheidsverzekering incluis blijft volmaakt intact als men deze 18^3 millioen totaal hadde geschrapt. Dat 40 millioen werd uitgetrokken voor een kanaal Maasbracht, voor de spoorwegen Gouda— Alphen en Schaesberg—Simpelveld, dat 5 millioen werd gevoteerd voor den weg van Rotterdam—den Haag, zijn feiten die het verzet tegen deze voorgestelde tariefsverhooging slechts kunnen aanwakkeren.

Sluiten